Archive for juli, 2010
Ligaturen (3)
In twee eerdere blogs heb ik het over ligaturen gehad (Pietje Precies en Es Zet). Recent heb ik weer een huisstijl opgeleverd waar een ligatuur in zit, het &-teken.
Inspiratie
De inspiratie kwam van het handschrift van de opdrachtgever, dat vooral in de hoofdletter B erg zwierig is. Het eigen handschrift is voor een kleine onderneming prima te gebruiken, omdat je die onderneming zo nog persoonlijker maakt. Wel zoek ik dan een balans tussen ‘geschreven’ en ‘gedrukt’, omdat de uitstraling naast persoonlijk ook zakelijk moet zijn.
Na het scannen is de letter omgezet naar een vector-tekening, die vervolgens opnieuw wordt getekend: De rondingen van de krullen stem ik op elkaar af; een krul moet niet te dicht bij een rechte lijn staan, want dan is er het risico van ‘kleven’ in de verkleining; ik moet een beslissing nemen over de plaats van de beëindigingen. Tijdens het schetsen heb ik de letter regelmatig gedraaid om te beoordelen of hij als et-teken nog steeds voldeed.
Proces
Wat ik hier laat zien en beschrijf is een onderdeel van een proces. Er gaat een fase van idee-vorming aan vooraf, waarin ook andere mogelijkheden worden onderzocht. En er komt een fase achteraan, waarin de plaatsing van de overige letters wordt bekeken. Gewoonlijk is het logo wel mijn vertrekpunt voor de hele huisstijl, die naast het logo ook nog bestaat uit een of meer kleuren, vormelementen als lijnen of vlakken, eventueel een foto.
Beter goed gejat dan slecht gemaakt?
Alles heeft tegenwoordig een logotype of een beeldmerk, en liefst een complete huisstijl. Dus ook de grote sportevenementen. Wat meteen voor mij de enige reden is om soms even naar sport op tv te kijken.

Formule 1 en Tour de France
Geweldig is het logo van de Formule 1. Over gebruik van de negatieve ruimte gesproken. En de verbeelding van snelheid is er heel subtiel in verwerkt. Ik geniet van zulke ontwerpen!
En hoewel veel frivoler is ook het logo van de Tour de France fantastisch. Een fiets èn een zon tegelijkertijd in het beeld verwerken, zonder dat de leesbaarheid eronder lijdt, dat is een vondst. Hoewel, als ik zeg vondst, lijkt het alsof zoiets eventjes uit de duim wordt gezogen. Daar is geen sprake van. Hier gaan uren van schetsen, keuzes maken en uitproberen aan vooraf. En het resultaat is er naar.
Meeliften op het succes van een ander
“Beter goed gejat dan slecht gemaakt” is een uitspraak die je in de reclamewereld nog al eens hoort. En natuurlijk gaat dat ook op voor vormgeving. Maar dan moet je wel de nadruk leggen op GOED. Ik zeg het vaker:
- er is al zoveel gemaakt dat origineel zijn steeds moeilijker wordt.
- er ontstaan wel degelijk dezelfde dingen op dezelfde tijd (de tijd is rijp), wat een verklaring kan zijn voor het tegelijkertijd uitvinden van de boekdrukkunst door Gutenberg en Coster.
- ander werk kan je inspireren zelf ook iets dergelijks te maken.
Maar vinden jullie ook niet dat het logo van de Tour de Branche een heel slecht aftreksel is? Zowel wat de naam betreft als de vormgeving?
Slideshow slipt naar de afgrond
De computer, maar meer in het bijzonder Microsoft, heeft voor elkaar gekregen dat mensen weer heerlijk fröbelen. Een tijdje is het uit geweest om zelf te knutselen, maar tegenwoordig is bijvoorbeeld zoiets als scrapbooking helemaal in. Prima, lijkt me, een mens moet een hobby hebben.
Echte dia’s
Maar ook in de zakelijke wereld wordt driftig geknutseld. Vroeger moest ik wel eens een presentatie-serie voor een opdrachtgever maken. Heel ouderwets waren dat nog èchte dia’s. Het kostte veel tijd voor alles klaar was. En was prijzig. Beide factoren zorgden ervoor dat men goed nadacht over de inhoud, waardoor ik op mijn beurt de vormgeving met zorg ter hand kon nemen.
In de begintijd van Powerpoint kreeg ik nog opdracht om sjablonen met een set regels te maken, die de opdrachtgever zelf kon invullen. Het werd al moeizamer. Een van mijn regels was ‘beperk de tekst’, zodat de corpsgrootte op elke slide hetzelfde kon blijven. Dat leest voor de kijker namelijk rustiger. Na een slide of 10 verslapte de aandacht van de schrijver, kwamen er meer woorden op een slide en moest het corps vanzelf kleiner worden. Microsoft zorgt daar al automatisch voor door zonder dat erom wordt gevraagd het corps te verkleinen.
Alles kan in de computer
Maar al een tijdje zorgt bijna iedereen zelf voor zijn/haar slides. Ten slotte zitten er sjablonen genoeg in Powerpoint, dus waarom zou je extra kosten maken. En natuurlijk gaat dat regelmatig gewoon goed. Maar ik word letterlijk en figuurlijk moe als ik een presentatie bijwoon, waarbij elke slide anders van vorm-opvatting is. Met ‘leuke’ plaatjes die overal vandaan worden gesleept. Wisselende kleuren. Te weinig contrast. Grote en kleine corpsen. Het beginpunt op steeds een andere plaats. Schaduwen. Soms zelfs schreef- en schreefloze letters door elkaar. Kortom, veel ‘ruis’.
Neem het plaatje hier. In een grote zaal is alleen goed te zien dat het een stroomschema is, maar waar dat schema over gaat, ontgaat iedereen. Versieringen die totaal zinloos zijn, zoals pijlen in de kop en een geel verloop aan de zijkant. Kleine illustraties die niets toevoegen, maar wel ruimte in beslag nemen, waardoor het al te kleine corps nog kleiner moet. Schaduwen en kaders zonder functie. Lezen wordt zo decoderen en dat kost aandacht en energie die ten koste gaat van de presentatie.
Mogelijkheden genoeg
De nieuwe presentatie-programma’s, zoals Prezi, geven uitgebreide mogelijkheden voor beweging. Ik hou mijn hart vast. Weer een keuze-mogelijkheid erbij die men MOET toepassen om het simpele feit dat het mogelijk is.
Kleurenwaaiers in soorten en maten
De afgelopen weken was ik niet bepaald mobiel, maar ik heb van de nood een deugd gemaakt door veel te gaan opruimen. Allerlei halfvergeten boeken ben ik weer aan het doorbladeren. Zo duurt opruimen nog langer, maar wordt het ook leuk natuurlijk. Vooral over kleur ben ik weer veel aan het lezen.
![]()
De kleurensystemen waarmee ik als ontwerper rekening moet houden, zijn legio. Allereerst natuurlijk het drukwerk. Hoewel webtoepassingen steeds belangrijker worden, blijft het verstandig om van het drukwerk uit te gaan. Zelfs al wordt er in eerste instantie niet aan gedacht drukwerk te laten maken.
Een drukker werkt met 2 verschillende kleursystemen, full colour (CMYK) en PMS-kleuren.
Ik wil de portemonnee van mijn klant zo min mogelijk belasten, dus mijn huisstijlen bestaan gewoonlijk uit maximaal twee PMS-kleuren. Niet elke PMS-kleur kan worden omgezet naar CMYK, maar er zal altijd een moment komen dat er ook in full colour wordt gedrukt. Keuzemoment één, dus.
Daarnaast zal er een website komen. Keuzemoment twee, maar als je eerst van CMYK uitgaat, geeft dat geen problemen. Een beeldscherm heeft het RGB-kleursysteem, net als je fototoestel trouwens.
Elke CMYK-tint kan worden omgezet naar RGB, andersom niet. Vandaar dat geprinte foto’s soms zo tegenvallen. Op het scherm zag het er zo mooi uit, maar ook je printer werkt met het CMYK-systeem.
![]()
Als er autobelettering of een naambord moet komen, moet ik kijken of de PMS-huiskleuren overeenkomen met een RAL-kleurensysteem, wat in de verfwereld wordt gebruikt. Of met de kleuren van de snijfilms, die in ieder geval beperkter in keuze zijn, dan PMS-kleuren. Keuzemoment drie.
Een bedrijf waar ik voor werk kan zo groot zijn, dat ze hun eigen gebruikskeramiek willen. De kleurpigmenten van glazuren hiervoor worden samengesteld uit zware metalen, waarvan het resultaat wordt bepaald door percentages, door wat er in de oven naast staat, en door de stooktemperatuur. Dit zou keuzemoment vier kunnen zijn, maar omdat dit èn niet zo vaak voorkomt, èn afhankelijk is van zoveel factoren die je niet zelf in de hand hebt, sla ik dat meestal maar over.
